cumulatief

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cu·mu·la·tief
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse cumulus (hoop, stapel)
  • afgeleid van cumulatie met het achtervoegsel -ief
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen cumulatief cumulatiever cumulatiefst
verbogen cumulatieve cumulatievere cumulatiefste
partitief cumulatiefs cumulatievers -

Bijvoeglijk naamwoord

cumulatief

  1. opstapelend, gesommeerd over alle bijdragen tot heden
    De cumulatieve telling van het aantal bezoekers laat zien hoeveel mensen er ooit onze website bezocht hebben.
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.