csardas
Uiterlijk
- csar·das
- Leenwoord uit het Hongaars, in de betekenis van ‘Hongaarse volksdans’ voor het eerst aangetroffen in 1886 [1]
- [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | csardas | csardassen |
| verkleinwoord | - | - |
- Het woord csardas staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "csardas" herkend door:
| 18 % | van de Nederlanders; |
| 13 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "csardas" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ csardas op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Dans in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 18 %
- Prevalentie Vlaanderen 13 %