contract

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tract
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord contract contracten
verkleinwoord contractje contractjes

Zelfstandig naamwoord

contract o

  1. een schriftelijk vastgelegde overeenkomst
    • Na een lange onderhandeling is het contract eindelijk ondertekend. 
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl