contour

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tour
enkelvoud meervoud
naamwoord contour contouren
verkleinwoord contourtje contourtjes

Zelfstandig naamwoord

contour m

  1. beschrijving of afbeelding van de buitenzijde van iets zonder details
    Door de mist zagen we alleen de contouren van het flatgebouw.
    De architect presenteerde de contouren van het plan.