contour

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tour
enkelvoud meervoud
naamwoord contour contouren
verkleinwoord contourtje contourtjes

Zelfstandig naamwoord

contour m

  1. beschrijving of afbeelding van de buitenzijde van iets zonder details
    • Door de mist zagen we alleen de contouren van het flatgebouw. 
    • De architect presenteerde de contouren van het plan. 
Synoniemen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.