contamines
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| contaminer |
contamines
- tweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van contaminer
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van contaminer
| vervoeging van |
|---|
| contaminar |
contamines
- aanvoegende wijs tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van contaminar
- gebiedende wijs (ontkennend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van contaminar