consument

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·su·ment
enkelvoud meervoud
naamwoord consument consumenten
verkleinwoord consumentje consumentjes

Zelfstandig naamwoord

consument m

  1. (economie) algemene term voor personen, huishoudens die goederen en diensten verbruiken die worden geproduceerd in de economie
    • De consument merkt weinig van de daling van de olieprijzen. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen


Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie