constructivist
Uiterlijk
- Geluid: constructivist (hulp, bestand)
- IPA: / kɔnstrʏkti'vɪst / (4 lettergrepen)
- con·struc·ti·vist
- afgeleid van constructief met het achtervoegsel -ist
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | constructivist | constructivisten |
| verkleinwoord | - | - |
- aanhanger, beoefenaar van het constructivisme
- mannelijke vorm van constructiviste
- Het woord constructivist staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.