computerspelletje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • com·pu·ter·spel·le·tje

Zelfstandig naamwoord

computerspelletje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord computerspel