competentiestrijd
Uiterlijk
- com·pe·ten·tie·strijd
- samenstelling van competentie en strijd
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | competentiestrijd | competentiestrijden |
| verkleinwoord | competentiestrijdje | competentiestrijdjes |
de competentiestrijd m
- strijd over wie een bepaalde bevoegdheid heeft
- Het woord competentiestrijd staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.