comparant

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • com·pa·rant
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord comparant comparanten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

comparant m [1]

  1. (juridisch) iemand die voor een notaris of een rechter verschijnt om iets te regelen of te verklaren
Verwante begrippen

Gangbaarheid

63 % van de Nederlanders;
56 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Frans

Werkwoord

comparant

  1. tegenwoordig deelwoord (participe présent) van comparer