colostrum

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

links colostrum rechts moedermelk
Uitspraak
Woordafbreking
  • co·los·trum
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘biest’ voor het eerst aangetroffen in 1832 [1]
  • uit het Latijn
enkelvoud meervoud
naamwoord colostrum
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

colostrum o [2]

  1. de eerste, gelige moedermelk die een baby krijgt die rijk is aan antistoffen en afweercellen
    • Wie ‘colostrum’ googelt, dat is de eerste moedermelk, belandt automatisch op de pagina voor ‘biest’, de eerste moedermelk van runderen - toch een beetje pijnlijk. En de fotografe Jill Greenberg heeft wel een pagina in het Frans, Engels en Duits, maar nog niet in het Nederlands.[3] 
    • Colostrum? Niet doen. Het staat op de dopinglijst. Ook is er weinig bewijs voor de claims dat de eerste melk na de bevalling van een koe het immuunsysteem zou verbeteren.[4] 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

55 % van de Nederlanders;
70 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen