coloratuur
Uiterlijk
- Geluid: coloratuur (hulp, bestand)
- IPA: / kolora'tyr / (4 lettergrepen)
- co·lo·ra·tuur
- Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘versiering met cadansen en loopjes’ voor het eerst aangetroffen in 1739 [1]
- [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | coloratuur | coloraturen |
| verkleinwoord | coloratuurtje | coloratuurtjes |
- (muziek) een reeks versieringen in de muziek, door cadansen, snelle loopjes, sprongen, korte noten en tremolo's
- Het woord coloratuur staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "coloratuur" herkend door:
| 49 % | van de Nederlanders; |
| 52 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "coloratuur" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ coloratuur op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Muziek in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 49 %
- Prevalentie Vlaanderen 52 %