closetpot

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

closetpot
Uitspraak
Woordafbreking
  • clo·set·pot
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord closetpot closetpotten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

closetpot m [1]

  1. pot waarin je kunt poepen en plassen
    • Op een videotape zit Mascha de Vries op een closetpot, met de rok keurig over de knieën en de tas op schoot. Ze rookt de ene sigaret na de andere, automatisch, zonder aandacht. [2] 
    • Hoe gebruiksvoorwerpen in het museum belanden, dat is t/m 19 nov te zien in het Haus der Kunst in München. Duchamps beroemde flessendroger, die de Fransman in een warenhuis kocht en in 1914 provocerend tot kunst uitriep, staat er net als Andy Warhols Brillo-zeepdozen of Claes Oldenburgs papieren closetpot. [3] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
57 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen