clochard

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

clochard in Parijs
Uitspraak
Woordafbreking
  • clo·chard
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘dakloze, zwerver’ voor het eerst aangetroffen in 1976 [1]
  • van Frans clochard [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord clochard clochards
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

clochard m

  1. een Franse en m.n. Parijse dronken, dakloze zwerver
    • Wie tegenwoordig door de Rue Mouffetard in het 5de arrondissement loopt, zal in dat hellende straatje met zijn chique truffel-, pasta-, macaron- en bonbonwinkeltjes weinig meer herkennen van de donkere bohemienstraat van een halve eeuw geleden. Op het nabijgelegen Place de Contrescarpe zijn de traditionele, stomdronken clochards nagenoeg verdwenen. Tegen het antieke uithangbord van wat eens de 18de-eeuwse, inmiddels allang verdwenen chocolaterie ‘Au nègre joyeux’ was, heeft iemand een pot paarse verf gegooid, vast en zeker vanwege de stereotiepe voorstelling van een lachende zwarte bediende. De buurt is onmiskenbaar welvarender geworden, en onbetaalbaar. Toch zouden de meeste 18de- en 19de-eeuwse Parijzenaars die Sante in zijn boek beschrijft, een moord begaan om in dit moderne Parijs te mogen wonen; dat Parijzenaars tegenwoordig op minstens een half uur reizen afstand wonen van de stad, is misschien wel het grootste probleem.[3] 
    • Ook enkele meer klassieke clochards staan bij Oliveira in de rij voor een sandwich en een halve banaan. De conservatieve krant Le Figaro liet deze week een boze ex-dakloze aan het woord die vond dat migranten met „tenten, voedsel en hulp” werden voorgetrokken. Oliveira is erop bedacht. „Je moet migranten niet meer rechten geven dan andere hulpbehoevenden.”[4]  
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

83 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Frans

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

clochard m

  1. (pejoratief) dakloze, zwerver [1]
  2. (pejoratief) gemenerik
    «T’as entendu comment il parle? - Qu’est-ce tu veux, c’est un clochard celui-là!»
    Heb je gehoord hoe hij praat? - Wat wil je, het is een gemene klootzak! [1]
Overerving en ontlening

Verwijzingen