cliënten
Uiterlijk
- cli·en·ten
de cliënten mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord cliënt
- ▸ De cliënten stroomden Henning Sjôstrands advocatenbureau dus binnen. Niet alleen omdat hij de bekendste van alle advocaten was, zij het notoir berucht volgens boze tongen, maar ook omdat hij in de pers door middel van advertenties naar cliënten zocht.[1]
- Het woord cliënten staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ Jan Guillou (vert. Bart Kraamer)“1968, De grote eeuw deel 7” (2017), Uitgeverij Prometheus
, ISBN 9789044633535 - ↑
Weblink bron W. Haeseryn e.a.“3.5.3 Meervoud op -s” (januari 2019), punt [3] op e-ans.ivdnt.org (Algemene Nederlandse Spraakkunst) - ↑
Weblink bron “Klant / cliënt” op taaladvies.net (Nederlandse Taalunie)