clairvoyant

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • clair·voy·ant
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Frans [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord clairvoyant clairvoyants
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

clairvoyant m

  1. iemand die helderziend is of doet alsof hij helderziend is
     Het duo The Clairvoyants won vorig jaar het wereldkampioenschap Mentalisme.[2]
stellend
onverbogen clairvoyant
verbogen clairvoyant
partitief clairvoyants

Bijvoeglijk naamwoord

clairvoyant

  1. helderziend, profetisch, voorspellend, paragnostisch, telepatisch

Gangbaarheid

54 % van de Nederlanders;
58 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. clairvoyant op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink Weblink bron “The Illusionists in januari in HMH” (26 aug. 2016), De Telegraaf
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be