citoyen
Uiterlijk
- ci·toy·en
- van het Frans, [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | citoyen | citoyens |
| verkleinwoord | - | - |
de citoyen m
- Het woord citoyen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord | |
| mannelijk | citoyen | le citoyen | citoyens | les citoyens |
| vrouwelijk | citoyenne | la citoyenne | citoyennes | les citoyennes |
citoyen m
- burger [1]; staatsburger; stadsburger
- mannelijke vorm van citoyenne
- ↑ citoyen (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 7
- Achtervoegsel -ain in het Frans
- Achtervoegsel -ien in het Frans
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Frans