cipressen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ci·pres·sen

Zelfstandig naamwoord

cipressen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord cipres

Gangbaarheid

84 % van de Nederlanders;
83 % van de Vlamingen.