cineac

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ci·ne·ac
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord cineac cineacs
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

cineac m [2]

  1. bioscoop waarin veel filmjournaals en korte films werden vertoond in een doorlopende voorstelling

Gangbaarheid

62 % van de Nederlanders;
26 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen