chaussee
Uiterlijk
- chaus·see
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | chaussee | chausseeën chaussees |
| verkleinwoord | - | - |
- geplaveide route voor verkeer
- ▸ Talmend ging ik op weg. Het was al avond geworden, en de vijf kilometer lange weg langs de chaussee was niet zonder gevaar.[3]
- Het woord chaussee staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ chaussee op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Weblink bron Margarete RiedDrie jaar Russische tolk in: Libertinage., jrg. 4 nr. 3 (1951), G.A. van Oorschot, Amsterdam, p. 223
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woord in het Nederlands zonder artikel in Wikipedia per 2024/10