casher

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Uit Hebreeuws כָּשֵׁר (kašér) “koosjer, ritueel geoorloofd, bereid volgens de joodse spijswetten”. [1]

Bijvoeglijk naamwoord

[B] casher

  1. (religie) koosjer
  2. (figuurlijk) (informeel) 'in de haak', ordentelijk, naar behoren
Schrijfwijzen

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron casher in: Trésor de la langue française informatisé (TFLi), Dictionnaire de l’Académie française, neuvième édition (1992-) op cnrtl.fr