cafetaria
Uiterlijk

- ca·fe·ta·ria
- Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘snelbuffet’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1937 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | cafetaria | cafetaria's |
| verkleinwoord | cafetariaatje | cafetariaatjes |
- (horeca) een eenvoudige eetgelegenheid, waar men vooral gefrituurde gerechten kan eten
- Het woord cafetaria staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "cafetaria" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "cafetaria" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Horeca in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 98 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %