cactus

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

cactus kunstwerk
Uitspraak
Woordafbreking
  • cac·tus
enkelvoud meervoud
naamwoord cactus cactussen
verkleinwoord cactusje cactusjes

Zelfstandig naamwoord

cactus m

  1. (plantkunde) een vetplant met stekels
    De Rus Safronov is begin zestig en heeft al dertig jaar lang dezelfde hobby: cactussen verzamelen. Zijn tuinhuis in Rusland herbergt meer dan tweeduizend exemplaren. Safronov reist de hele wereld over om net die ene cactus te bezitten, maar geheel legaal is zijn hobby niet.[1]
Vertalingen

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
cactus cactuses/cacti

Zelfstandig naamwoord

cactus

  1. (plantkunde) cactus
    • Maarten Back NRC 26 februari 2016