busser

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Noors

Woordafbreking
  • bus·ser
Naar frequentie 12227

Werkwoord

busser

  1. tegenwoordige tijd van busse

Zelfstandig naamwoord

busser, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van buss

Zelfstandig naamwoord

busser, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van busse


Nynorsk

Woordafbreking
  • bus·ser

Zelfstandig naamwoord

busser, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van busse