bulletin

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bul·le·tin
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘kort bericht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1816 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord bulletin bulletins
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

bulletin o

  1. kort nieuwsbericht
    • Ik luister voor ik ga fietsen altijd eerst naar het weersbulletin. 
  2. tijdschrift
    • Hij richtte met gelijkgestemden de Werkgroep Biografie op, om biografen met elkaar in contact te brengen. In Biografie bulletin schreef hij een lange reeks artikelen waarin hij de Nederlandse biografen bekend probeerde te maken met de stand van hun vak in het buitenland, vooral in Engeland. Tevreden zag hij in de daaropvolgende jaren hoe Nederland werd overspoeld door een grote hoeveelheid biografieën.[2] 
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Engels

Zelfstandig naamwoord

bulletin

  1. bulletin o ; nieuwsbericht


Frans

Zelfstandig naamwoord

bulletin m

  1. bulletin o ; nieuwsbericht