buitenspel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bui·ten·spel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord buitenspel -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

buitenspel o

  1. (voetbal) een overtreding van een regel die een aanvaller verbiedt zich achter de lijn van de laatste verdediger te bevinden
    Het buitenspel van deze speler werd achteraf zwaar in twijfel getrokken.
  2. spel dat men buiten beoefent (zie ook buitensport)
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Bijwoord

buitenspel

  1. (voetbal) zich in overtreding van bovenstaande regel bevindend
    De speler stond duidelijk buitenspel.
Uitdrukkingen en gezegden
  • iemand buitenspel zetten
zorgen dat iemand niet meer kan mee doen
Wat ze doen? Ze koppelen klanten direct aan producenten van groene stroom, buiten de grote energiebedrijven om. En zetten de markt op zijn kop doordat ze de handel in stroom van de traditionele energiebedrijven, buitenspel zetten. [1]
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Renée Postma NRC 2 januari 2016