budgettair

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bud·get·tair
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen budgettair budgettairder budgettairst
verbogen budgettaire budgettairdere budgettairste
partitief budgettairs budgettairders -

Bijvoeglijk naamwoord

budgettair

  1. met betrekking tot een budget, begroting
    Vooral West-Europa en Japan voelen nu al de economische en budgettaire gevolgen van een vergrijzende bevolking.[1]
Vertalingen
Verwijzingen
  1. Miljoenennota 2012