brouwerij

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Zuid-Hollandsche Bierbrouwerij, 1920.
Uitspraak
Woordafbreking
  • brou·we·rij
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord brouwerij brouwerijen
verkleinwoord brouwerijtje brouwerijtjes

Zelfstandig naamwoord

brouwerij v

  1. (bedrijf) een bedrijf dat zich toelegt op het brouwen van bier
    • België kent een groot aantal brouwerijen. 
     En dan heb je nog de kosten op de trail zelf: eten, de resupplypostpakketkosten, hostel- en motelkosten enzovoort. Je bent hier al met al tussen 2.500 euro tot 4.500 euro aan kwijt. Verder tikten de IPA-craft biertjes uit de lokale brouwerijen ook aardig aan.[1]
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Uitdrukkingen en gezegden
  • leven in de brouwerij brengen
een bepaalde plek levendiger maken; zorgen dat er iets gebeurt
  1.  Tatertot was een prachtige vrouw van in de dertig die bij de start van haar PCT haar hoofd tegen de hitte had kaalgeschoren. Ze hield van extremen, een avontuurlijke levensgenieter die altijd leven in de brouwerij bracht.[1]

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. 1,0 1,1 Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be