brakt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Noors

Woordafbreking
  • brakt
Naar frequentie 4002

Bijvoeglijk naamwoord

brakt, o

  1. onbepaalde vorm onzijdig enkelvoud van de stellende trap van brakk

Werkwoord

brakt

  1. voltooid deelwoord van brake
Synoniemen

Werkwoord

brakt

  1. voltooid deelwoord van bringe


Nynorsk

Woordafbreking
  • brakt

Bijvoeglijk naamwoord

brakt, o

  1. onbepaalde vorm onzijdig enkelvoud van de stellende trap van brakk