brachium

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Overarm (brachium).
Bovenarm.

Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • bra·chi·um
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Latijn, oorspronkelijke vorm bracchium.

Zelfstandig naamwoord

brachium o

  1. (anatomie) bovenarm, opperarm
Verbuiging
o enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   brachium     brachiumet     brachier[1]     brachia[1],
brachiene[1]  
Synoniemen
Antoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen

Verwijzingen

  1. 1,0 1,1 1,2 Geldige vorm sinds 1 juli 2005.
    Rettskrivningsendringer fra 1. juli 2005, nr. 3.4 (in het Noors)


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • bra·chi·um
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Latijn.

Zelfstandig naamwoord

brachium o

  1. (anatomie) bovenarm, opperarm
Verbuiging
o enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   brachium     brachiumet     brachium[1]     brachia[1]  
genitief                
bijvorm enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief               brachii[1]  
genitief                
Synoniemen
Antoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen

Verwijzingen

  1. 1,0 1,1 1,2 Geldige vorm sinds 1 juli 2005.
    Rettskrivningsendringer fra 1. juli 2005, nr. 3.4 (in het Noors)