braaf

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • braaf
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen braaf braver braafst
verbogen brave bravere braafste
partitief braafs bravers -

Bijvoeglijk naamwoord

braaf

  1. bereid de regels in acht te nemen
    Hij was niet altijd de braafste van de klas.
    Meisjes zijn vaak braver dan de ondeugende jongens.
Antoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.