bovenleiding

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·lei·ding
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bovenleiding bovenleidingen
verkleinwoord bovenleidinkje bovenleidinkjes

Zelfstandig naamwoord

bovenleiding v

  1. (elektrotechniek) installatie voor rijdraden van trams, treinen e.d
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie