boulevard
Uiterlijk
- bou·le·vard
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘brede straat’ voor het eerst aangetroffen in 1816 [1]
- van het Frans [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | boulevard | boulevards |
| verkleinwoord | boulevardje | boulevardjes |
de boulevard m
- lange, brede, gewoonlijk met rijen bomen beplante straat in een stad
- ▸ De tram draaide om een oude toren heen en schoof daarna een brede boulevard op.[3]
- brede wandelweg langs de zee
- ▸ En wie in La Seyne-sur-Mer over de boulevard loopt, kan nooit bevroeden dat in het voormalige instituut voor mariene biologie wordt gewerkt aan het ontraadselen van geheimen in de deeltjesfysica en de astronomie.[4]
- Het woord boulevard staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "boulevard" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[5] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "boulevard" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ boulevard op website: Etymologiebank.nl
- ↑ “De tranen der acacia's”
(1949), G.A. van Oorschot
, ISBN 9789028242364 - ↑ “Nieuws uit de kosmos” (2024), Fontaine Uitgevers
, ISBN 9789464043075 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be