boodschappentas

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bood·schap·pen·tas
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord boodschappentas boodschappentassen
verkleinwoord boodschappentasje boodschappentasjes

Zelfstandig naamwoord

boodschappentas v/m

  1. een tas waarin men de boodschappen kan doen bij het winkelen
    In de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw was het in Nederland nog gewoonte een eigen tas mee te nemen naar een winkel om daarin de boodschappen mee naar huis te nemen, de boodschappentas.

Meer informatie