bombe

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

bombe v

  1. (spreektaal) schranspartij, zuipfeest
    «On va faire la bombe ce soir.»
    We gaan vanavond lekker aan de zwier. [1]
  2. (spreektaal) lekker stuk
    «Vise un peu la gonzesse qui vient de rentrer, une bombe
    Kijk eens naar die griet die net is binnengekomen, wat een lekker stuk! [1]

Verwijzingen