bombastisch
Uiterlijk
- Geluid: bombastisch (hulp, bestand)
- IPA: / bɔm'bɑstis / (3 lettergrepen)
- bom·bas·tisch
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | bombastisch | bombastischer | |
| verbogen | bombastische | bombastischere | |
| partitief | bombastisch | bombastischers | - |
bombastisch [2]
- vol bombast, hoogdravend
- Het woord bombastisch staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bombastisch" herkend door:
| 96 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ bombastisch op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -isch in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 96 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %