bollig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bol·lig
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding van bol met het achtervoegsel -ig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen bollig bolliger bolligst
verbogen bollige bolligere bolligste
partitief bolligs bolligers -

Bijvoeglijk naamwoord

bollig [1]

  1. bolvormig, rond
    • 1.65 mtr lang / mollig postuur / kort stekelig/kroezig haar / rond/bollig gezicht / verzorgd uiterlijk [2] 
    • Een snelle inventarisatie leerde dat het iene-miene ook in Scandinavië voorkomt (in Denemarken: ene mene ming mang) en dat ook het `iet wiet waait weg' internationaal is (eia weia weg). Zelfs het olleke-bolleke, in Nederland van lieverlee verworden tot een wezenloos spelletje, kent bredere verspreiding. Het Britse `inty-minty tibbelty fig' eindigt met: ollige bollige go. Aan noemenswaardige duiding zijn de verzamelaars nog niet toegekomen. [3] 
    • In Utrecht ontmoeten we Olga (19) in een klassieke, donkerblauwe jas. Met haar speelse muts en de rest van haar outfit ziet ze eruit als een Manga-meisje. Bovendien is de jas een voorbeeld van hoe zo'n klassieker is aangepast, hij is smaller en minder bollig en dat maakt hem modern. [4] 

Gangbaarheid

85 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Reformatorisch Dagblad 03-02-2009 Politie slaat alarm: suïcidale vrouw vermist
  3. NRC Karel Knip 4 september 2004 Afteltduiding
  4. NRC Jetty Ferwerda 10 december 2005 Hè, watte?