boda

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Angelsaksisch

Zelfstandig naamwoord

boda m

  1. boodschapper


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·da
enkelvoud meervoud
boda bodas

Zelfstandig naamwoord

boda v

  1. huwelijk, bruiloft
Synoniemen
Verwijzingen