bijeengebonden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bij·een·ge·bon·den
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
bijeenbinden

bijeengebonden

  1. voltooid deelwoord van bijeenbinden