bijeenbrengen
Uiterlijk
- Geluid: bijeenbrengen (hulp, bestand)
- IPA: /bɛi'embrɛŋə(n)/
- bij·een·bren·gen
- samenstelling van bijeen en brengen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bijeenbrengen |
bracht bijeen |
bijeengebracht |
| zwak -cht | volledig | |
bijeenbrengen
- overgankelijk bij elkaar brengen
- Door de collecte was er veel geld bijeengebracht voor het fonds.
1. bij elkaar brengen
- Het woord bijeenbrengen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 13
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-cht) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal