bijblijven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bij·blij·ven
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bijblijven
bleef bij
bijgebleven
klasse 1 volledig

Werkwoord

bijblijven

  1. ergatief zorgen dat men niet achterblijft bij de voortgang van iets
    • Hij is niet bijgebleven bij de ontwikkelingen. 
  2. ergatief iemand ~ in de herinnering blijven
    • Die verschrikkelijke gebeurtenissen zijn hem zijn hele leven bijgebleven. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.