bietenstroop
Uiterlijk
- bie·ten·stroop
- samenstelling van biet en stroop met het invoegsel -en-
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bietenstroop | bietenstropen |
| verkleinwoord | bietenstroopje | bietenstroopjes |
- een donkerbruine stroop die wordt verkregen door het gedurende enige tijd laten koken van het sap van suikerbieten
- Ceviche van makreel met bietenstroop.
1.
- Het woord 'bietenstroop' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.