bezemsteel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·zem·steel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bezemsteel bezemstelen
verkleinwoord bezemsteeltje bezemsteeltjes

Zelfstandig naamwoord

bezemsteel m

  1. de lange stok waaraan de borstel van een bezem bevestigd is
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.