bewiesen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·wie·sen

Werkwoord

vervoeging van
bewiesen

bewiesen

  1. meervoud tegenwoordige tijd van bewiesen
vervoeging van
bewassen

bewiesen

  1. meervoud verleden tijd van bewassen
    • Wij bewiesen. 
    • Jullie bewiesen. 
    • Zij bewiesen. 

Gangbaarheid