bewaring

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·wa·ring
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bewaring bewaringen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

bewaring v

  1. de plaats waar dingen opgeborgen worden
    • De beste bewaring van verse producten is vaak op een donkere en koele plek, zoals de kelder of koelkast. 
  2. het opsluiten van verdachten
    • De verdachten van de roofoverval waren in bewaring genomen. 
  3. het huis van bewaring: gevangenis voor verdachten
    • De verdachten waren opgesloten in het huis van bewaring. 
  4. behoud, instandhouding
  5. iets in bewaring geven: iets veilig laten opbergen
    • Ik had mijn kostbare spullen bij de balie van het hotel in bewaring gegeven 
     Geef je harten, maar geef ze niet aan elkander in bewaring.[1]
Uitdrukkingen en gezegden

in ~ nemen

  • in de gevangenis plaatsen.
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be