bevorderen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·vor·de·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bevorderen
bevorderde
bevorderd
zwak -d volledig

Werkwoord

bevorderen

  1. overgankelijk een hogere rang verlenen aan iemand
    • Hij werd bevorderd tot commandant. 
  2. overgankelijk aanmoedigen, promoten, stimuleren
    • We hebben wat leuke uitstapjes gemaakt die de contacten verstevigden en de saamhorigheid bevorderden. 
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.