betuiging

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·tui·ging
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord betuiging betuigingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

betuiging v

  1. verklaring dat je bepaalde gevoelens of gedachten hebt
    • De mars is een betuiging van solidariteit van christenen met Israël en zijn inwoners. In totaal hebben 6000 christenen via de ambassade deelgenomen aan het Loofhuttenfeest in Israël.[1] 
    • Tevens is hij de eerste die aan ”heydenen” de doop bedient als een betuiging en verzegeling van de afwassing der zonden door Jezus Christus.[2] 
Synoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Reformatorisch Dagblad 12-10-2017 Christenen zingend door straten Jeruzalem
  2. Reformatorisch Dagblad dr. Henk Florijn 22-11-2016 Ds. Philips Pietersz van Hueren doopte een ”indiaen” op zee