betoverd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·to·verd
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van betoveren: de stam met de uitgang -d, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
betoveren

betoverd

  1. voltooid deelwoord van betoveren
stellend
onverbogen betoverd
verbogen betoverde

Bijvoeglijk naamwoord

betoverd

  1. als door een magische kracht beïnvloed
    • Tijdens zijn volgende verlof was Cécile er dromerig en betoverd met het puntje van haar wijsvinger overheen gegaan, wat Alberts stemming er niet beter op had gemaakt. [1] 


Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.


Verwijzingen

  1. Lemaitre, Pierre "Tot ziens daarboven" 2014 ISBN 9789401601931 pagina 16