bestemming

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search
bestemming van de trein

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·stem·ming
Woordherkomst en -opbouw
  • Naamwoord van handeling van bestemmen met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord bestemming bestemmingen
verkleinwoord (bestemminkje) (bestemminkjes)

Zelfstandig naamwoord

bestemming v

  1. het eindpunt van een route, het doel
    • Wat is de bestemming van je reis. 
    • Was is de bestemming van dit oude fabrieksterrein. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie