beroepsbevolking

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
beroepsbevolking actief in de landbouw

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·roeps·be·vol·king
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord beroepsbevolking beroepsbevolkingen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

beroepsbevolking v

  1. (economie) het aantal mensen in een bepaald gebied dat wil, kan en mag werken voor geld
    • Werklozen worden meegerekend bij de beroepsbevolking. 
    • De meerderheid van de beroepsbevolking in Nederland werkt in de dienstensector. 


Meer informatie